Kunst in kerken/langs oude paden

Licht

Boven mijn hoofd op het plafond verschijnt soms een bijzonder patroon van licht. Het is de weerkaatsing van zonlicht in een spiegel waarop stenen liggen. Dit beeld doet me denken aan het licht in de kerk vroeger, op mooie zondagen, als het feestelijk door de gebrandschilderde vensters viel.

Schrijven met licht

Vóór de zomer van 2016 begon ik met tekeningen in de computer of op papier of met ingescande papiertjes en voorwerpen. Ik had nog nooit een foto uit de camera gebruikt om iets te maken. Op een ochtend in juni zag ik plotseling de bewegende lichtvlekken in de deuropening, van het zonlicht dat door het bladerdak scheen van de Prunus naast de deur. Dat moment vroeg erom een foto te gebruiken als basis, want het klopt: fotografie is ‘schrijven met licht’.

Daarna zag ik overal bijzondere licht- en schaduwvlekken waarvan ik iets wilde maken. Die zomer maakte ik ook de serie die  begon met een foto van de spiegeling van zonlicht, geprojecteerd op het plafond.

Licht wordt beeld

Met deze foto speelde ik een associatief spel. Door kleur aan te brengen op selectieve plaatsen veranderde ik de sfeer. Met de muis tekende ik nieuwe lijnen en verlopen, gumde of knipte deze weer gedeeltelijk weg, voegde extra vormen toe. Zoals de ambachtelijke drukker drukgangen maakt, bouwde ik in de computer het beeld in lagen op, verschillend van kleur, structuur, dichtheid en transparantie. Het beeld werd persoonlijk.

Spiegeling

De resultaten die me bevielen sloeg ik op. Hieruit ontstond een een serie van 85 beelden met de titel Spiegeling. Daarvan is nu een selectie, uitgeprint en ingelijst, in de Ludgeruskerk in Balk tentoongesteld.

Kunst in kerken/langs oude paden

Nu, in 2018, valt alles op zijn plaats. De kerk, het lichtspel, de associaties die mensen bij dit werk hebben: cellen, embryo’s, schepping en begin van het leven, en ook het einde ervan. De kringloop.

Collages is geopend!

Nu te zien in Kunsthuis Secretarie in Meppel: de tentoonstelling Collages. Gastcurator is Hans Emmelkamp, die zelf collages maakt en, jawel, op dit moment ook exposeert in Kunstlokaal №8.

Het was een drukke, gezellige opening op zondag 15 april, met een woordje van Jan Willem Kok van stichting ArtPhy, muziek door Rudi Kaldenberg en Jan Bartlema en veel fijne gesprekken. De diversiteit van het medium collage komt in de tentoonstelling, hoewel niet heel groot, goed tot uitdrukking. Je kunt de tentoonstelling Collages nog bezoeken tot 8 juli, dus tijd genoeg.

Uit Van Dale:

moeder (de; v; meervoud: moeders)

  1. 1 – vrouw die één of meer kinderen heeft
  2. 2 – vrouw die als een moeder zorgt: Moeder Aarde, Moeder Natuur de aarde, de natuur (gezien als moeder)
  3. 3 – oorsprong, bron: de angst is de moeder van de nervositeit

Moederdag, moederen, moederkloek, moederland, moederliefde, moederschoot, moedertaal, moedervlek…

Op 13 mei zal ik een workshop collage geven voor mensen van 8 tot 88 jaar.

Verras jezelf en doe mee!

Materiaal: cadeaupapier, pakpapier, kranten, bakpapier, kastpapier, toiletpapier, keukenpapier, bedrukt papier uit boeken en tijdschriften, papieren zakjes en -tasjes, behangpapier, patroonpapier, vloeipapier en meer.

Thema: moeders.

Aanmelden kan via Kunsthuis Secretarie, telefoon 0522850644, e-mail info@kunsthuissecretarie.nl

Hoe een wassen beeld verloren gaat en in brons verandert

Bronsgieten op MIET-AIR

We gaan kijken bij het bronsgieten. Het bloemstuk van LindeStede en de Sint Franciscusschool  gaat vereeuwigd worden! Inmiddels is in de gipsen mal de was verbrand in de oven. Het bloemstuk bestaat dus niet meer. In de mal zit nu een ingewikkeld doolhof van holtes en kanalen, op de plaatsen waar eerst de was heeft gezeten. Wat er na het bronsgieten uit de mal zal komen, is nog een raadsel. Het kán mislukken.

Lees eerst wat vooraf ging.

De mal wordt voorbereid

Buiten onder het afdak wacht de gietkroes met brons in het vuur tot het heet genoeg is om te gaan gieten.
De grote mal van ons bloemstuk is heel zwaar. Met de heftruck tilt Loek hem voorzichtig uit de oven en rijdt hem naar de gietplaats. Daar moet al het gruis, dat in de mal gekomen is, er weer uit gezogen worden. Want waar gruis zit, kan geen brons komen.

Volle kroes, staat er op de bovenkant van de mal. Dat zou ongeveer 50 kilo brons moeten zijn. Dat is wel even wat zwaarder dan een volle gieter met 10 liter water!
In het grote gat in het midden zal het vloeibare brons gegoten worden, terwijl via de kleine gaatjes de lucht uit de holtes kan ontsnappen. Om de mal wordt plastic gewikkeld, om het risico op breken te verkleinen en het gietgat af te dichten tegen vuil.
Daarna wordt onze mal voorzichtig van de heftruck af geschoven en op een laag zand geplaatst, samen met enkele kleinere mallen, met ijzeren schotten eromheen. Ertussen komt ook zand, dat stevig wordt aangestampt. Ook al om het risico op breuk tijdens het gieten te beperken. Een flink aantal mensen helpt mee, ook hun werk zit in mallen die vandaag gegoten worden.

Het gieten kan beginnen

Voor het gieten moet je sterk zijn, want de kroes is zwaar, met 50 kilo vloeibare brons erin. De kroes gloeit, als hij met een tang uit het vuur wordt gehaald. Helemaal aan de overkant ruik ik het, en voel de warmte die het 1200 graden hete brons uitstraalt. Marcel krijgt beschermende kleding en na een korte instructie mag hij assisteren. Aan weerszijden houden Loek en een andere ervaren bronsgieter de gietkroes in evenwicht in een beugel aan lange stokken. Het brons lijkt vloeibaar vuur, als Loek de kroes kantelt en het brons rustig en precies in de mal giet. Zou het brons de weg weten in dat doolhof van holtes dat ons bloemstuk nu is, en alle ruimtes vullen?
Na onze mal is er nog wat brons in de kroes over voor de twee kleintjes. De grotere moeten wachten op de volgende gietbeurt. Het vloeibare brons koelt af van helder oranje naar rood en later naar groenig, en wordt hard. De mal straalt nog lang warmte uit.

Zou het gelukt zijn?

De volgende dag is het brons voldoende hard geworden om het beeld uit te kappen. Eerst wordt de buitenste laag gips eraf geklopt met de hamer. Omdat het bloemstuk te kwetsbaar is om er op te slaan, spuiten we de rest van de mal eraf met de hogedrukspuit.
Plotseling wordt er aan de buitenkant een bloem zichtbaar, en daarna zien we ze een voor een tevoorschijn komen. Het stuk brons dat het gietgat is geweest, kan er nu af worden gezaagd. De gietkanalen onder de onderplaat lijken wel boomwortels! Op sommige plaatsen zitten dunne bronzen tussenschotjes. Die zijn erin gekomen door kleine scheurtjes in de mal. Dat is normaal.

Het gips binnenin het beeld spoelt beetje bij beetje weg, tot er echt een bronzen bloemstuk tevoorschijn is gekomen! Bijna 50 kilo zwaar. Nat nog, met uitsteeksels waar het brons in de ontluchtingskanalen is gelopen. Maar wat is-ie mooi! Opgetogen vertrekken we, het beeld achterlatend voor de afwerking.

 

 

Intussen, bij de bronsgieter

bij de bronsgieter

Het bloemstuk van LindeStede en de Sint Franciscusschool is nu bij de bronsgieter, op MIET-AIR, in voorbereiding voor het brons. Dit voorbereiden blijkt veel meer werk te zijn dan ik dacht!

Verslagen uit de werkplaats

Elk kunstwerk is anders, dus eerst moet er goed worden nagedacht over de constructie van de aanvoerkanalen voor het brons en de ontluchtingskanalen.
De bronsgieter, Loek Hambeukers, is een zeer ervaren kunstenaar die vooral werkt in brons. Vanuit zijn werkplaats houdt hij ons op de hoogte met foto’s en verhalen.
Op de foto’s hieronder is te zien hoe hij de ontluchtingskanalen heeft aangebracht, in speciale, roodgekleurde was, zodat hij de structuur goed kan zien.

De giet- en ontluchtingskanalen zijn gemaakt, de mal wordt gegoten

Op de foto’s hier linksboven is het beeld te zien met de kanalen. Het staat klaar om de gipsmal te gieten. Daarnaast, op de foto rechtsboven, is de gips inmiddels om het beeld gegoten en hard geworden. Je ziet het beeld niet meer, want het zit nu in de gipsmal. De mal is ondersteboven gekeerd, zodat het piepschuim waarin we de stelen gestoken hebben, kan worden verwijderd.

Links onderaan zie je dan de schone onderkant, met de puntjes van de stelen. Aan de stelen komen de grote toevoerkanalen voor het brons. Op de foto middenonder zie je daarvan een begin. Op de foto rechtsonder zijn alle gietkanalen voor het brons aangebracht. In het vierkant is inmiddels ook een dunne laag was aangebracht voor de onderplaat. Het witte ‘bekertje’ bovenin zal het gat vormen waar later het brons in gegoten wordt. De rechtopstaande rode staafjes zijn de ontluchtingskanalen. Zonder deze zouden er tijdens het gieten luchtbellen in de mal komen, waardoor het brons niet alle plaatsen zou kunnen bereiken.
Vervolgens kan de mal worden afgemaakt met nog een laag gips erbovenop.

De gipsen mal met de was staat in de oven

Op de laatste foto’s staat onze mal in de oven. Samen met nog veel meer mallen, waarin werk zit van andere kunstenaars, wordt de oven gestookt. De temperatuur loopt in een paar dagen heel langzaam op naar 700 graden en koelt dan heel langzaam weer af. Door de hitte smelt de was eruit en brandt alles wat brandbaar is weg. Als de mal uit de oven komt, zit er een holle, ‘negatieve’ ruimte in waar de was gezeten heeft. Daarin zal het brons worden gegoten.

(Fotoverslag: Loek Hambeukers)

Collages

tentoonstelling collages


Ik doe mee aan de tentoonstelling Collages ‘kunst- en plakwerk’ in Kunsthuis Secretarie, Meppel, van 14 april t/m 8 juli 2018. 

Van mij zijn digitale collages te zien, o.a. de serie Tijd | Momenten. Dit werk gaat over waarneming. Elke collageversie afzonderlijk is een moment uit de tijd, in steeds veranderend licht. De 50 collages zijn samengesteld uit verschillende knipsels van tekeningen in de computer.

Op de website van Kunsthuis secretarie:

De Franse titel Collages moge duidelijk zijn; coller betekent plakken.

Op zich zelf is de collagetechniek dus niets bijzonders. Het is gewoon ‘plakwerk’.

De collagetechniek als kunstvorm is echter wel bijzonder. De kunstenaar gebruikt bestaande beeldfragmenten (foto’s, knipsels etc), die hij verzameld heeft en gaat deze vervolgens spelenderwijs ordenen, verschuiven/ veranderen etc.

Na lang ‘wikken en wegen’ worden de beeldfragmenten definitief op een ondergrond geplakt. Op deze manier wordt er met ‘geleend’ materiaal een nieuw beeld gecreëerd. De essentie van de collage als kunstvorm is dat alles zó samengevoegd is tot een samenhangend geheel, dat het uiteindelijke totaalbeeld een nieuwe expressieve identiteit gaat aannemen. In deze tentoonstelling willen wij een zo breed mogelijk scala van de collage techniek tonen.


Uitnodiging voor de opening van de tentoonstelling collages

Van de collagetechniek wordt in de kunst meer gebruik gemaakt dan je beseft. Het bij elkaar brengen en rangschikken van (hergebruikt) materiaal tot een nieuw op zichzelf staand kunstwerk, is een kunstvorm die al omarmd wordt sinds de kubisten in het begin van de twintigste eeuw. In Kunsthuis Secretarie is het werk van hedendaagse vertegenwoordigers van verbazend uiteenlopende en eigentijdse collage- technieken te zien. 

Kunstwerken van Birgit Speulman (Jubbega), Marcel Prins (Jubbega), Jens Thiele (Münster), Mirjam Hagoort (Amsterdam), Ron van der Werf (Apeldoorn), Hans Emmelkamp (Meppel) en Bertus Halfwerk (Blankenham) maken deel uit van collecties in binnen- en buitenland. 

De opening zal op ZONDAG 15 APRIL OM 16:00 UUR worden verricht door Jan Willem Kok, initiatiefnemer en voorzitter van stichting ArtPhy.
Muzikaal intermezzo op piano en gitaar door Rudi Kaldenberg en Jan Bartlema. U bent van harte uitgenodigd. 

Op 13 mei geef ik een workshop collage

Kunsthuis Secretarie heeft kunsteducators Birgit Speulman en Diny Kiers bereid gevonden workshops collage te geven. Sta versteld van jezelf op 13 mei of 24 juni.
Nadere info www.kunsthuissecretarie.nl 


kunsthuis secretarie  

openingstijden 

dinsdag t/m zondag: 13.00 – 17.00 uur
donderdag: 10.00 – 17.00 uur 

Hoofdstraat 22 Meppel
postadres: Grote Akkerstraat 10 7941 BB Meppel
telefoon 0522 850 644
e-mail
info@kunsthuissecretarie.nl
www.kunsthuissecretarie.nl

Geschikt voor LindeStede

bloemstuk

De bloemen zijn geschikt

De wassen bloemen die bewoners van LindeStede hebben gemaakt samen met leerlingen van groep 8 van de Sint Franciscusschool, zijn voorzichtig geschikt tot een speels boeket. Het is van alle zijden boeiend om naar te kijken, er is geen achterkant.

Op naar de bronsgieter

De bronsgieter zal er de komende weken een blijvend ruimtelijk stilleven van gaan maken.

Geschikt
Het bloemstilleven van was in acht aanzichten van negen foto’s.

Inspiratie cadeau!

inspiratie cadeau

Van een lieve vriendin kreeg ik een heel bijzonder verjaardagscadeau. Die verjaardag is al even geleden, het cadeau mocht ik afgelopen weekend ‘uitpakken’.

Vrijdag

Het begon met een veerboot. Daarna een kamer met prachtig uitzicht over de Waddenzee. Eigenlijk was dat al genoeg.

Maar het eiland wekt een verlangen op naar uitwaaien en zoute vlagen in je gezicht en licht en hoge luchten. Dus gingen we fietsen, tegen de wind in tegen de duinen op, langs het Groene Strand en het Donkere Bos. Daarna te voet langs Griltjesplak, over de zeereep het ruige strand op.

Terug bij de haven zochten we bescherming in het Wakend Oog met muntthee en warme broodjes.

Zaterdag

De volgende dag begon met een stralend blauwe hemel boven het drooggevallen wad. Het was windstil. Kort daarop veranderde het blauw in nevelig lichtgrijs. De windstilte bleef, zodat we zonder enige moeite over de waddendijk naar de Wierschuur fietsten, langs duizenden drukdoende vogels.

De hemel leefde, het wad leefde, het water leefde en alles riep. Ganzen, wulpen, scholeksters, strandlopertjes en allerlei vogels die ik niet ken.

De rust over de dijk, landinwaarts, was opvallend, met hier en daar het zingen van kleine vogels in de struiken.

Na een korte stop in het Heartbreak Hotel, dat geen hotel is maar een strandpaviljoen waar je heerlijke taart kunt eten,  zochten we het strand op. Het was inmiddels vloed. Op de grens tussen land en water kwamen groepen meeuwen bij elkaar, vlogen ineens massaal op en daalden even massaal verderop weer neer, als golven, maar met grotere interval.

Altijd weer is de vloedlijn anders. Deze keer lagen er een massa zee-egels, krabben, scheermessen, zeesterren en een enkel bosje wier met felgekleurd touw. Daartussen vond ik opvallend veel kleine dode platvissen, op hun gekleurde boven- of witte onderzijde. De meeuwen aten niet van de vissen. Waren ze al te lang dood? En hoe kwam het, dat ze stierven? Ze lagen zo mooi, zo teer stil.

Met rode wangen van de buitenlucht aten we later in het dorp garnalenkroketjes met de smaak van zee. Vanachter de zoute ruiten van de snelboot verdween het eiland snel achter ons. Het nagenieten begon al.

Ik kreeg niet alleen twee dagen wandelen en fietsen, maar vooral ook inspiratie cadeau. En het is waar: ervaringen krijgen is veel fijner dan spullen.

Grijs, groen en gelukkig

grijs, groen en gelukkig - quatre-mains

Het thema van LindeStede in deze periode is ‘grijs, groen en gelukkig’. Er wordt onder andere gewerkt aan een beleeftuin op het terrein. Het project met de leerlingen van de Franciscusschool vindt ook plaats in het kader van dit thema.

De laatste keer

In een heerlijk ontspannen sfeer bouwden de duo’s van de laatste groep verder aan hun bloemen. Al doende kregen ze er meer handigheid in, de was raakte steeds sneller op en de bloemen groeiden tot pioenen en rozen, trossen veldbloemen en riddersporen met stevige stelen.

Voor de meeste bewoners was het een plezierige ontdekking, dat ze samen met de kinderen zo iets moois konden maken. Ze zijn er echt en met recht trots op. Een van de heren schreef: “het zijn allemaal sterren, hier aan tafel“; doelend op de kinderen. Een ander schreef: “ik vind het geweldig, wat ik heb gedaan“. Ook voor de kinderen was het genieten. Een meisje: “G. vond het hartstikke leuk om te doen, en vond het leuk om met mij te doen“. Een ander: “We hebben het super leuk gehad samen“.
Zij hadden allemaal weer een klein zelfgemaakt cadeautje voor de bewoners meegenomen, zo lief! Aan het eind van de ochtend brachten de kinderen hen  weer terug naar de afdeling en namen afscheid. Maar niet voor altijd.

Want we hebben groen licht voor de bronsgieter! Daarom konden we tegen alle deelnemers zeggen: “tot ziens bij de onthulling in mei”. Nu volgt een ander spannend proces: het samenstellen en vormgeven van het bloemstuk, het maken van de gipsmal en het daadwerkelijke gieten.
Ik ben erg benieuwd hoe het bloemstuk eruit komt te zien en wat de deelnemers ervan vinden, als ze het te zien krijgen. Ik hoop dat ze er ‘grijs, groen en gelukkig’ van worden, en vooral dat laatste.

grijs, groen en gelukkig
Dubbelportretten van de makers met hun bloemen

Lees ook mijn verslagen van de voorgaande activiteiten met ouderen en kinderen.

Onvermoede talenten in Lindestede

bloemtros - onvermoede talenten

Kinderen en bewoners van verpleegcentrum Lindestede in Wolvega maken samen bloemen van was. Iedereen doet dit voor het eerst, samen ontdekken ze materiaal, techniek en vorm. Het plezier en de voldoening delen ze. Er komen, extra verrassing, onvermoede talenten tevoorschijn.
Als alle bloemen klaar zijn, maken we er een boeket van. Het bloemstuk zal, in brons vereeuwigd, een permanente plaats krijgen in de nieuwe beleeftuin van het centrum.

Intussen zijn er al een heleboel bloemen gemaakt, de twee voorgaande groepen hebben flink hun best gedaan, terwijl ze genoten van elkaars gezelschap en de nieuwe ervaring.

De eerste keer voor de derde groep

De derde en laatste groep is aan de beurt. Op tafel staan kleurige boeketten, er liggen tuinbladen en flora’s en voor elk duo ligt er er een placemat klaar met wat boetseerwas en een takje  Acht nieuwe leerlingen vormen duo’s met acht nieuwe bewoners, deze keer hoofdzakelijk mannen, niet allemaal zo oud, wel met geheugenproblemen.

De sfeer is heel anders dan met de vorige bewoners, die bijna allemaal hoogbejaard zijn. Het vormen met was is ook in deze groep een flinke uitdaging. Eerst een plukje was warm maken in de handpalm, dan rustig kneden tot het zacht genoeg is om te verwerken. Een beginnetje maken door een bolletje goed aan de tak te kneden. Daaraan vast de bloemblaadjes. Rozen zijn favoriet. ‘Roosje m’n Roosje, dat is een liedje’. Ik stimuleer ze om de plaatjes en de bloemen op tafel te gebruiken als inspiratiebron en als houvast, maar niet als dwingend voorbeeld, zodat de eigen fantasie een kans krijgt. De kinderen nemen veelal het voortouw, maar de bewoners laten zich ook niet onbetuigd. Meeldraden ‘voor het stuifmeel’, een stamper in het midden en bladeren langs de steel ‘dat is wel uniek, hè?’ en soms doornen.

Beeldende en verbale talenten

J. zat eigenlijk klaar om te gaan vissen, maar er lag nog een restje ijs op de vijver, dus dat ging niet door. Hij gaat zitten, pakt wat onwennig een stukje was en probeert een plat klaverblad. Daar kijkt hij een tijdje tevreden naar. Dan buigt hij de hoeken om en er ontstaat een ruimtelijke vorm. Hij krijgt er lol in, ontdekt opgetogen dat hij dit goed kan. Blaadje voor blaadje bouwt hij zorgvuldig op tot hij een grote tros heeft gecreëerd, langs de hele lengte van de tak die als steel dient. Tegelijkertijd maakt hij grapjes met A, de leerlinge naast hem.
Meneer B. kwam moeilijk uit bed, maar eenmaal gearriveerd geniet hij zichtbaar en omkleedt alle gebeurtenissen met prachtige, bloemrijke formuleringen. Hij zou de bloem (‘een rode roos’) het liefst op het graf van zijn vrouw leggen om dit met haar te delen. We vinden vast wel tijd om een extra bloem voor haar te maken.

Het is een levendige ochtend. De leerlingen gaan, vol van deze nieuwe ervaring, druk napratend op weg naar school. Volgende week de laatste keer alweer…

Sterk zwart ijs

Wintersprookje

Het zou hard gaan vriezen en binnen een paar dagen zouden we kunnen schaatsen! Ik hield de berichten en het ijs in de buurt in de gaten. Zaterdag zorgde ik voor wintervoer voor de vogels in de tuin. Zondag waren de vijver en de sloten al grotendeels dichtgevroren, maandag was er niet veel bijgekomen. De zon scheen behoorlijk warm en ‘s middags verschenen er weer overal natte plekken. Het ijs op de vijver dooide zelfs weer weg, en ik zag voor het eerst van mijn leven een ijsvogel! In onze eigen tuin!

ijs
Ijs en sneeuw op de Tjonger bij Nijeberkoop

Dinsdag kwam er hier en daar sneeuw uit de lucht. Het zag er mooi uit, met die wolkenformaties boven dat wit, maar schaatsbaar ijs bleef nog even ver weg.

Kriebels

Woensdag kwamen er berichten dat er toch echt hier en daar geschaatst werd op open water. De wind was akelig koud en hard, dus nee, we gingen niet op onderzoek uit. Donderdag ook nog niet. Die dag moesten we een probleem met de c.v. oplossen. Bovendien werd ernstig gewaarschuwd voor gevaarlijke situaties vanwege windwakken en nog maar net dichtgevroren dunne plekken. De belofte van schaatsen lokte echter hevig.

Laatste kans

Vrijdag pakten we ons goed in en gingen op weg naar echt ijs.

Het autoportier sloeg uit mijn handen. De wind drong onmiddellijk door al mijn lagen kleren. Met koude vingers trok ik snel de veters van mijn schaatsen stevig aan. Het was twee jaar geleden, dus het voelde even wiebelig onwennig.

Het ijs bleek keihard, zwart en dik. Op de meeste plaatsen dan, want er bleven verraderlijke open gaten met golvend blauw water.  Daaromheen was het ijs veel dunner, evenals uit de wind in de felle zon tussen het riet. Dus we bleven daar een flink stuk uit de buurt op de dikke veilige plekken. Zaterdag gingen we nog een keer. De wind was wat minder en er waren iets meer mensen, maar echt druk was het niet. Een heel rondje zat er nog steeds niet in doordat in het midden een strook van het meer nog open lag. Dus schaatsten we eerst met de wind mee naar de westkant, dan achter een smalle strook riet en elzen langs tot aan een koud open stuk.

IJs van dichtbij

Onder mijn ijzers zag ik plotseling een vis in het ijs! Een brasem die ingevroren was geraakt, waarschijnlijk al dood.

Als je goed kijkt, is er van alles te zien in de bevroren laag. Patronen van scheuren, luchtbellen, kristallen bovenop, grote ijsbloem-motieven.

Halverwege besloten we toch maar om te keren. De wind was snijdend koud, maar weer eens op de schaatsen staan op echt natuurijs is een ervaring die ik niet wil missen.

Er staat alweer water in de vijver in de tuin.